Copyright 2017 - Custom text here

Huishoudelijk Reglement. (update: 25/11/2013)

Genomen ter uitvoering van de nieuwe Wapenwet van 8 juni 2006 en latere wijzigingen.
Genomen ter uitvoering van artikel 3, 11°, van het Koninklijk Besluit van 13 juli 2000 tot bepaling van de erkenningsvoorwaarden van schietstanden. Tenzij anders bepaald hebben alle in dit huishoudelijk reglement gebruikte begrippen dezelfde betekenis als die welke ze in de Wapenwet of in de uitvoeringsbesluiten daarvan hebben.

Definities:
De Politie Schutterskring Mechelen: vereniging zonder winstoogmerk, hierna PSKM vzw genoemd.

Clubbar: gedeelte van de inrichting waartoe alle leden toegang hebben.
Schietstand: geheel van alle delen die horen tot de infrastructuur van een club die aan recreatief- of aan sportschieten doet en waarvan de exploitant een erkenning heeft ontvangen van de gouverneur van de provincie die bevoegd is voor het adres van de schietstand.

Schietruimte: alle delen waar vergunningsplichtige vuurwapens aanwezig kunnen zijn of gebruikt kunnen worden.

Schutter: lid van de vereniging of gebruiker die toegang heeft tot de schietstand en aldaar vuurwapens manipuleert.

Schietstandenbesluit: Koninklijk Besluit van 13 juli 2000 tot bepaling van erkenningvoorwaarden van schietstanden, zoals gewijzigd en latere wijzigingen.

Wapenvergunning: vergunning tot het voorhanden hebben van een vergunningsplichtig wapen die is afgegeven: krachtens artikel 11 van de Wapenwet, krachtens de wet van 3 januari 1933, voor zover de datum van afgifte, zoals vermeld op deze vergunning, minder dan vijf jaar geleden is, krachtens de wet van 3 januari 1933, indien de hernieuwing van de vergunning werd aangevraagd bij de bevoegde dienst overeenkomstig artikel 48, tweede lid, van de wapenwet, krachtens de nieuwe wapenwet van 8 juni 2006 en latere aanpassingen.

Vertegenwoordigers: personen die, overeenkomstig artikel 3, 6°, van het schietstandenbesluit, door de exploitant aangesteld zijn om hem te vertegenwoordigen en aanwezig te zijn telkens er schietactiviteiten plaatsvinden zoals vermeld in de erkenningvoorwaarden.

Toezichter: alle bestuurders, actieve leden en de door het Bestuur of een bestuurder gevolmachtigden.

Baancommandant of monitor: verantwoordelijke voor het veilige verloop van de schietstonden.

Gerechtelijke: ambtenaren van de diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht die overeenkomstig artikel 27, § 1, derde lid, van de wapenwet, worden aangeduid en die een wapen dat tot hun voorgeschreven uitrusting behoort, in dienst dragen of voor de dienst voorhanden hebben.
Het huishoudelijk reglement is steeds van toepassing in al de lokalen en plaatsen in eigendom of in huur van PSKM vzw. Het huishoudelijk reglement beoogt het verschaffen van informatie en omvat waarborgen voor de veiligheid van iedereen die deze lokalen en plaatsen betreedt. Het regelt de betrekkingen van de vereniging met haar leden en met alle gebruikers van de schietstand. Het vormt een aanvulling op de statuten van de vereniging. Het huishoudelijk reglement werd volledig bijgewerkt en aangepast door de Raad van Bestuur, hierna het Bestuur genoemd, op 16 maart 2009 en volgende latere revisies.
Ieder lid van de vereniging wordt in kennis gesteld van dit huishoudelijk reglement vanaf het ogenblik van zijn aanvaarding als lid. Eventuele wijzigingen worden ter kennis gebracht van de leden.

Artikel 1 TAKEN VAN DE BESTUURSLEDEN
VOORZITTER: Hij/Zij is belast met het dagelijks beheer, de veiligheid in de lokalen en zit de vergaderingen voor.
SECRETARIS: Draagt zorg voor de administratie. Hij/Zij of een vervanger woont de provinciale en nationale schuttersvergaderingen bij.
PENNINGMEESTER: Beheert alle financiën en bezittingen van de vereniging en controleert de bar.
MATERIAALMEESTER: Is verantwoordelijk voor de goede werking of onderhoud van de schietstand en alle bezittingen of restmateriaal van de vereniging. Werkt samen met de sectievoorzitter vuurwapens en de sectievoorzitter luchtwapens. Inventariseert alle clubmateriaal, uitgenomen de bar. Een inventaris rapport wordt doorgestuurd aan de penningmeester.
Alle werkzaamheden, aan en verkopen worden voorafgaandelijk besproken met de penningmeester en voorzitter.
SECTIEVOORZITTER VUURWAPENS: De verbindingsman van het Bestuur met de betrokken clubleden. Hij/Zij is verantwoordelijk voor zijn/haar schietstand en de goede werking van deze sectie.
SECTIEVOORZITTER LUCHTWAPENS: De verbindingsman van het Bestuur met de betrokken clubleden. Hij/Zij is verantwoordelijk voor zijn/haar schietstand en de goede werking van deze sectie.
De sectievoorzitters vuurwapens en/of luchtwapens worden eventueel in hun taak bijgestaan door andere bestuursleden of actieve leden die door het Bestuur daartoe worden aangewezen. Deze assistenten nemen ten volle de functie van de sectievoorzitter(s) over wanneer laatstgenoemde(n) niet beschikbaar zijn.
BESTUURDER(S): Alle bestuursleden (leden van het Bestuur van de vereniging) zijn te allen tijde bevoegd om toe te zien op de veiligheid in de schietstand en de toepassing van de reglementen en voorschriften. Zij houden toezicht op de naleving van de STATUTEN, het HUISHOUDELIJK REGLEMENT en de ALGEMENE VEILIGHEID en gaan indien nodig naar de vergaderingen.

Artikel 2 AANSLUITINGEN
§1 Personen jonger dan 16 jaar die van onbesproken gedrag zijn en wensen aangesloten te worden, moeten een schriftelijke aanvraag richten tot PSKM vzw met vermelding van naam, voornaam, nationaliteit, adres, geboortedatum, geboorteplaats en moeten bij deze aanvraag twee pasfoto's voegen. Zij krijgen uitsluitend toegang tot de luchtschietstand. Zij mogen alleen onder toezicht een luchtpistool of luchtgeweer gebruiken. Zij mogen de schietruimte niet betreden indien er met vuurwapens (.22 LR kamermunitie, ook zimmermunitie genoemd) geschoten wordt.
§2 Iedereen die ten volle 16 jaar oud en van onbesproken gedrag is en wenst aangesloten te worden, moet een schriftelijke aanvraag richten tot PSKM vzw met vermelding van naam, voornaam, beroep, nationaliteit, identiteitskaart- en rijksregisternummer, adres, geboortedatum, geboorteplaats en moet bij deze aanvraag twee pasfoto's bijvoegen. De kandidaat- burgerleden moeten vanaf de leeftijd van 18 jaar tevens een "uittreksel uit het strafregister" bijvoegen. Kandidaten die reeds lid zijn bij een andere schuttersvereniging en die over een geldige sportschutterslicentie beschikken, hoeven geen "uittreksel uit het strafregister" bij te voegen maar wel een kopie van de geldige sportschutterslicentie.
§3 Minderjarigen moeten een ondertekende schriftelijke toelating van de ouders of voogd bijvoegen.
§4 Het Bestuur kan de kandidaat aanvaarden of weigeren. Het Bestuur brengt de kandidaat schriftelijk op de hoogte van zijn beslissing. Tegen deze beslissing is geen beroep mogelijk en zij moet niet gemotiveerd worden.
§5 Personen die deel uitmaken van gerechtelijke diensten en wensen aangesloten te worden, moeten een schriftelijke aanvraag richten tot PSKM vzw met vermelding van naam, voornaam, beroep, nationaliteit, identiteitskaart- en rijksregisternummer, adres, geboortedatum en geboorteplaats. Tevens dienen zij twee pasfoto's bij te voegen. Zij hoeven geen "uittreksel uit het strafregister" bij te voegen.
§6 Personen die wensen aan te sluiten als "steunend lid" moeten een schriftelijke aanvraag richten tot PSKM vzw met vermelding van naam, voornaam, nationaliteit, adres, geboortedatum en geboorteplaats. Zij mogen alleen deelnemen aan "open wedstrijden" en hebben daarbuiten geen toegang tot de schietruimten.
§7 Aansluiting korpsen e.a.: de aansluitingsvoorwaarden worden per korps e.a. afzonderlijk bepaald.
§8 Door zijn aansluiting bij PSKM vzw als lid of door gebruik te maken van de schietinstallaties verbindt het lid of de gebruiker zich ertoe kennis te nemen van alle reglementen die de inwendige orde binnen de schietstand en schietruimte regelen en zich dienovereenkomstig te gedragen. De instructies van de toezichters moeten strikt worden opgevolgd.

Artikel 3 LIDGELD – UITTREKSEL UIT HET STRAFREGISTER
§1 Het lidgeld moet jaarlijks worden betaald aan de penningmeester of moet worden gestort op het rekeningnummer van PSKM vzw.
Het lidgeld moet uiterlijk voor 31 december voorafgaand aan het jaar van hernieuwing van het lidmaatschap betaald zijn, tenzij door het Bestuur anders wordt vermeld in de jaarlijkse “uitnodiging tot betaling” van het lidgeld. Het Bestuur stelt het bedrag van het lidgeld vast.
§2 Alle leden van de vereniging moeten aan de vereniging een “uittreksel uit het strafregister” overhandigen overeenkomstig het bepaalde in artikel 3, 3°, van het schietstandenbesluit. Aan de leden die nalaten aan deze verplichting te voldoen zal de toegang tot de schietstand geweigerd worden. Hun lidkaart zal worden ingehouden.
§3 Uiterlijk voor 31 december voorafgaand aan het jaar van hernieuwing van het lidmaatschap moet een "uittreksel uit het strafregister" van ten hoogste drie maanden oud, met vermelding “lidmaatschap schuttersclub” aan PSKM vzw worden bezorgd, tenzij door het Bestuur anders wordt vermeld in de jaarlijkse “uitnodiging tot betaling” van het lidgeld.
Dit geldt niet voor:
a) De gerechtelijke (ambtenaren van de diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht die overeenkomstig artikel 27, § 1, derde lid van de wapenwet, worden aangeduid en die een wapen dat tot hun voorgeschreven uitrusting behoort, in dienst dragen of voor de dienst voorhanden hebben),
b) De houders van een geldig jachtverlof,
c) De houders van een geldige sportschutterslicentie of een geldige voorlopige sportschutterslicentie,
d) De houders van een geldige Europese vuurwapenpas afgegeven in een andere lidstaat van de Europese Unie,
e) De houders van een aanstellingsbewijs als bijzonder jachtwachter als bedoeld in artikel 12, eerste lid, 4°, van de wapenwet,
f) De houders van een dagkaart, afgeven op grond van artikel 8, B, §3, van dit reglement.
g) De schutters die uitsluitend met niet-vuurwapens schieten,
h) De jeugdleden tot 17 jaar.
§4 Bij laattijdige betaling of laattijdig bezorgen van bovengenoemd uittreksel of licentie wordt een sanctie (administratieve boete) toegepast.
Als men niet betaald heeft voor 1 januari is men ontslagnemend, het Bestuur kan voor individuele gevallen (b.v. ziekte of verlof) hiervan afwijken.
§5 Bijdragen, lidgelden en boetes worden bepaald door het bestuur.

Artikel 4 AANTAL ACTIEVE BURGERLEDEN
§1 Het aantal actieve burgerleden is volgens de statuten vastgesteld op maximum 25 (vijfentwintig).
Deze leden zijn effectieve leden van PSKM vzw en maken deel uit van de Algemene Vergadering. Zij zijn ertoe gehouden de vergaderingen van dit orgaan bij te wonen of zich er door middel van een volmacht te laten vertegenwoordigen.

Artikel 5 SCHIETOEFENINGEN
§1 Enkel schutters die houder zijn van één van de volgende documenten mogen vergunningsplichtige vuurwapens manipuleren in de schietruimte:
a) De houders van een geldige wapenvergunning afgegeven op hun naam,
b) De houders van een geldige sportschutterslicentie of van een geldige voorlopige sportschutterslicentie, voor zover zij het registratiebewijs op hun naam (model 6 of model 9) van het gebruikte wapen kunnen voorleggen,
c) De houders van een geldig jachtverlof, voor zover zij het registratiebewijs op hun naam (model 6 of model 9) van het gebruikte wapen kunnen voorleggen,
d) De houders van een Europese vuurwapenpas uitgereikt door een andere lidstaat van de Europese Unie en van de documenten die het voorhanden hebben van een vuurwapen in België vergunnen,
e) De houders van een geldig aanstellingsbewijs als bijzonder jachtwachter, voor zover zij het registratiebewijs op hun naam (model 6 of model 9) van het gebruikte wapen kunnen voorleggen,
f) De houders van een geldige dagkaart als occasioneel schutter, zoals bedoeld in artikel 5, tweede lid, 1°, van het schietstandenbesluit,
g) De houders van een geldig getuigschrift van erkenning als wapenhandelaar of als verzamelaar, voor zover met de wapens geschoten wordt voor hun noodzakelijke onderhoud en testen,
h) De houders van het in artikel 9bis, §1, tweede lid van het KB tot uitvoering van de wapenwet bedoelde attest uitgereikt door of namens de provinciegouverneur waaruit blijkt dat de schutter zich mag voorbereiden op de praktische proef.
§2 Particuliere schutters die met vergunningsplichtige wapens schieten en geen houder zijn van een geldige sportschutterslicentie, een geldige voorlopige sportschutterslicentie of een jachtverlof dienen eveneens aan de exploitant een “uittreksel uit het strafregister” voor te leggen indien ze hem dit document nog niet eerder hebben bezorgd.
Deze verplichting geldt niet voor de schutters waarvoor een dagkaart is ingevuld als bedoeld in artikel 8, B, §3, van dit reglement.
§3 De houders van een geldige wapenvergunning kunnen in de schietruimte vuurwapens lenen van andere schutters, voor zover de geleende wapens van hetzelfde type zijn als het type wapen waarvoor aan de ontlener een wapenvergunning werd uitgereikt. Wordt er geschoten met een vergunningsplichtig wapen dat geen eigendom is van de schutter dan dient deze laatste in het bezit te zijn van een geldige vergunning voor het type wapen in kwestie. Bovendien dient bedoelde schutter vergezeld te zijn van de eigenaar van het wapen.
§4 De houders van een geldige sportschutterslicentie en van een geldige voorlopige sportschutterslicentie kunnen, met het oog op het beoefenen van het sportschieten, in de schietruimte vuurwapens lenen van andere schutters, voor zover de geleende wapens behoren tot een wapencategorie waarvoor zij een geldige sportschutterslicentie of voorlopige sportschutterslicentie bezitten.
In alle gevallen geldt dat de wapens enkel worden uitgeleend voor de duur van de schietactiviteit op de schietstand en mits toestemming van hun bezitter.
§5 Onder geen beding mogen vuurwapens van andere schutters worden gebruikt zonder hun uitdrukkelijke toestemming. Indien de uitlener niet aanwezig is, dient een schriftelijke toestemming te worden voorgelegd. De uitlener dient het wapen onmiddellijk na het schieten terug in ontvangst te nemen. Eventuele schade aan de wapens dient steeds door de ontlener te worden vergoed.
§6 Om aan de schietoefeningen te kunnen deelnemen moet ieder lid eveneens:
a) Bericht hebben gekregen dat het Bestuur hem/haar aanvaard heeft en in orde zijn met alle administratieve en financiële verplichtingen.
b) Steeds in het bezit zijn van de lidkaart van PSKM vzw of de daar aan gekoppelde lidkaart van het verbond, die men na betaling van het lidgeld ontvangt. Deze lidkaart dient zonder protest onmiddellijk te worden getoond aan om het even welk bestuurslid dat daarom vraagt.
c) Steeds de wapen- en eventuele draagvergunning kunnen tonen op vraag van een toezichter, bestuurslid of een gevolmachtigd actief lid (baancommissaris).
d) Zich strikt houden aan het schietstandreglement.

Artikel 6 GESCHILLEN
§1 Elk geval, niet vermeld in de Statuten en onderhavig Reglement, evenals geschillen en moeilijkheden in clubverband, worden door het Bestuur behandeld met inachtneming van de individuele belangen en de clubbelangen in het bijzonder. Het Bestuur kan tevens de problemen naar de Algemene Vergadering verwijzen.
§2 Ieder lid dat meent het slachtoffer te zijn van een verkeerde toepassing van de Statuten of onderhavig reglement, kan schriftelijk bezwaar indienen bij het Bestuur. Het bezwaar dient uiterlijk binnen de 10 (tien) dagen volgend op het geschil te worden verzonden. De zaak wordt op de eerstvolgende bestuursvergadering onderzocht en de betrokkene wordt schriftelijk in kennis gesteld van de beslissing.
§3 Bij uitsluiting na beslissing van de Algemene Vergadering is het onder artikel 6, § 2, vermelde niet van toepassing en is geen beroep mogelijk.

Artikel 7 SCHENKINGEN
§1 Alle materialen of toestellen geschonken aan de vereniging blijven eigendom van PSKM vzw. Enkel indien de oorspronkelijke eigenaar er anders over beslist en dit uiterlijk binnen de maand na schenking schriftelijk mededeelt aan het Bestuur, is dit artikel niet van toepassing.

Artikel 8 SCHIETSTANDREGLEMENT
§1 Het schietstandreglement valt rechtstreeks onder de bevoegdheid van het Bestuur.
De reglementen van I.S.S.F. of U.I.T. zijn van toepassing.
§2 Artikelen 8 C (dragen en in- en uitpakken van wapens) en 8 D (manipulatie van de wapens tijdens de schietstonden) zijn niet van toepassing op de korpstrainingen, politiediensten, ambassadebeveiliging, veiligheid of bewakingsondernemingen.
§3 De titularis van de erkenning, de vereniging of haar bestuurders zijn niet verantwoordelijk voor enig lichamelijk letsel, materiële schade of enig ander nadeel dat voortvloeit uit het gebruik van de schietstand of dat ontstaat ten gevolge van een ongeval.
A. TOEGANG tot de SCHIETRUIMTE van de SCHIETSTAND:
§1 De toegang tot de schietruimte van de schietstand is ten strengste verboden aan:
a) Alle personen onder invloed van alcoholische dranken of in staat van dronkenschap. De toegang is eveneens verboden aan alle personen onder invloed van gelijk welk product dat de normale geestestoestand kan beïnvloeden. Alle leden, gebruikers en bezoekers dienen zich te allen tijde strikt te houden aan artikel 3, 9°, van het schietstandenbesluit, dat als volgt luidt: “Alcoholische dranken mogen slechts worden genuttigd door particuliere schutters die hun schietactiviteiten volledig hebben beëindigd, en in geen geval binnen de schietruimte en de wapenkamer; in deze ruimten geldt tevens een algemeen rookverbod; de toegang tot de schietstand is ontzegd aan elke persoon die kennelijk in staat van dronkenschap verkeert of in een soortgelijke staat ten gevolge van het gebruik van drugs of geneesmiddelen”
Het gebruik van alcoholische dranken, drugs of geneesmiddelen in de schietruimte is strikt verboden. De in artikel 1 bedoelde personen die vaststellen dat een schutter bij het begin van de schietbeurt kennelijk niet veilig wapens kan manipuleren door een staat van fysiek onvermogen (bv. depressie, zwakte, staat van dronkenschap, soortgelijke staat ten gevolge van het gebruik van drugs of geneesmiddelen) kunnen de betrokkene verzoeken de schietruimte en/of de schietstand te verlaten.
b) Alle personen vreemd aan de club, niet op uitnodiging en niet vergezeld van een actief lid.
c) Minderjarigen die geen 16 jaar oud zijn, uitgezonderd de luchtschietstand.
§2 Elke persoon die vuurwapens bij zich heeft moet zich bij het betreden van de schietstand onmiddellijk in het aanwezigheidsregister, als bedoeld in artikel 3, 4°, van het schietstandenbesluit, inschrijven. De schutter dient zijn naam, evenals het type (bv. pistool, revolver, geweer, etc.) en het kaliber van de gebruikte wapens te noteren. De datum van het bezoek, alsook het uur van aankomst en van vertrek dienen te worden genoteerd.
B. TOEGANG van KANDIDAAT-LEDEN tot de SCHIETRUIMTE van de SCHIETSTAND:
§1 Kandidaat-leden kunnen alleen de schietruimten van de schietstand betreden op uitnodiging van een bestuurslid, een actief lid of een ander lid mits voorafgaande toestemming van een bestuurslid.
Voornoemde mogen kandidaat-leden uitnodigen in de schietruimten van de schietstand, doch enkel op de trainingsdagen en maximum drie keer dezelfde persoon.
Elk lid mag één genodigde schutter of aspirant-schutter meebrengen.
Het lid is verantwoordelijk voor zijn genodigde. Hij/Zij moet nagaan of zijn/haar genodigde over de voorgeschreven wettelijke documenten beschikt en hij/zij moet tijdens de schietbeurt toezicht houden en mag zelf niet schieten.
Indien er financiële voorwaarden verbonden zijn aan het schieten, dan moet hij/zij ervoor zorgen dat de genodigde daaraan voldoet.
Het begeleidende lid is steeds verantwoordelijk voor het kandidaat-lid en dient diens naam en voornaam te vermelden in het register.
Het begeleidend lid moet bij het kandidaat-lid blijven en is verantwoordelijk voor de veiligheid.
Een schutter die geen lid is van de vereniging kan ten hoogste drie maal per jaar van dit voorrecht gebruik maken.
Uitzondering wordt gemaakt wanneer de genodigde deelneemt aan officiële wedstrijden die binnen de club georganiseerd worden.
§2 Dit geldt eveneens voor bezoekers en/of genodigden andere dan kandidaat-leden. Bezoekers en/of genodigden zijn slechts in de schietruimten toegelaten wanneer ze begeleid worden door een schutter die zich in het register moet inschrijven.
§3 Maximaal één maal per jaar kan een genodigde die niet beschikt over de nodige documenten om aan sportschieten te doen, kennismaken met de schietsport en vergunningsplichtige wapens hanteren op de schietstand. Daarbij dienen de volgende regels te worden nageleefd:
a) de exploitant of de vertegenwoordiger vullen vooraf een dagkaart in, zoals bedoeld in artikel 5, tweede lid,1°, van het schietstandenbesluit. Zij sturen binnen de zeven dagen een afschrift van deze dagkaart naar de provinciegouverneur bevoegd voor de verblijfplaats van de gastschutter.
b) de gastschutter wordt te allen tijde begeleid door een begeleider die daartoe door de exploitant of zijn vertegenwoordiger is aangeduid. De aangeduide begeleider van de gastschutter dient aan de voorwaarden te voldoen om zelf te zijn vrijgesteld van het afleggen van de praktische proef indien hij een vergunning zou aanvragen voor een wapen dat van hetzelfde type is als het wapen dat gebruikt wordt door de gastschutter (bv. de houder van een sportschutterslicentie die geldig is voor de wapencategorie waartoe het wapen behoort dat door de gastschutter zal worden gemanipuleerd).
c) De begeleider dient de gastschutter vooraf de geldende veiligheidsregels en de werking van het wapen uit te leggen. Hij stelt het wapen ter beschikking en ziet erop toe dat het wapen veilig gemanipuleerd wordt. Na het schieten neemt de begeleider het wapen onmiddellijk terug in bezit.
C. DRAGEN, INPAKKEN EN UITPAKKEN VAN WAPENS:
§1 De wapens dienen bij het betreden en verlaten van de schietstand volledig onzichtbaar, degelijk verpakt en ongeladen te zijn volgens de regels van de wet.
§2 De wapens worden in- en uitgepakt op de voorziene schiettafels, met de loopmond naar het doel gericht. Een andere manier kan om veiligheidsredenen niet geduld worden.
§3 HET IS TEN STRENGSTE VERBODEN WAPENS UIT HUN VERPAKKING TE HALEN OF TE TONEN IN DE BAR.
§4 Er mag slechts 1 (één) wapen uitgepakt op de schiettafel aanwezig zijn. Wapens waar niet mee geschoten wordt dienen weggeborgen te worden.
§5 Karabijnen mogen ongeladen, met open grendel en zonder lader, nadat ze uitgepakt zijn op de schiettafel, gedragen met de loopmond naar boven, in het voorziene wapenrek geplaatst worden.
§6 Handvuurwapens verplaatsen van de ene schiettafel naar de andere mag alleen verpakt gebeuren.
§7 De wapens mogen slechts uitgepakt worden als het verwittigingsignaal uit is.
§8 Iedere schutter is ertoe gehouden zijn wapen na te zien na elk gebruik en moet er zich voor het opbergen van vergewissen dat er geen patroon in de loop, kamer, trommel, magazijn of lader is blijven zitten.
§9 Tijdens bepaalde speciale trainingen en onder toezicht van een monitor of bestuurslid kan van enkele van deze regels afgeweken worden.
D. MANIPULATIE VAN DE WAPENS TIJDENS DE SCHIETSTONDEN:
§1 De wapens mogen slechts geladen worden aan de vuurlijn wanneer het verwittigingsignaal uit is en, indien van toepassing, op bevel van de aangestelde baancommandant of monitor. Er worden maximum 5 (vijf) patronen geladen in de trommel, het magazijn of de lader.
§2 Tijdens het laden en bij iedere andere manipulatie van het wapen moet de loopmond van het wapen steeds in de richting van het doel gericht zijn, en de vinger van de trekker weg.
§3 Elke manipulatie, oefening of tonen van een wapen buiten de vuurlijn is verboden.
§4 Het is verboden een wapen van iemand anders aan te raken zonder uitdrukkelijke toestemming van de eigenaar.
§5 Wanneer iemand na een schietbeurt of om enige andere reden de schietbaan wil betreden, moet men steeds navraag doen bij de andere schutters en wachten totdat elk wapen veilig en ongeladen is neergelegd. Vooraleer men de schietbaan betreedt, moet de schietmonitor of zijn vervanger het verwittigingsignaal in werking stellen. Hij moet zich ervan vergewissen of alles veilig is en geeft vervolgens toelating om de schietbaan te betreden. Wanneer de schietbaan terug vrij is stelt de monitor of zijn vervanger het verwittigingsignaal buiten werking en kondigt aan dat er terug kan geladen en gevuurd worden.
§6 Bij mogelijk defect van dit signaal moet de monitor of zijn vervanger het bevel geven:
"SCHUTTERS, ONTLADEN EN WAPENS NEER".
Iedere schutter moet onmiddellijk gevolg geven aan dit bevel.
§7 Wanneer het verwittigingsignaal in werking is of door de monitor het bevel werd gegeven "Schutters, ontladen en wapens neer" IS HET TEN STRENGSTE VERBODEN WAPENS OF MUNITIE AAN TE RAKEN.
§8 De schutter moet ervoor zorgen dat het wapen ongeladen op de schiettafel ligt met de loop in de richting van het doel.
Karabijnen met open grendel en ledige patroonhouder naast het wapen.
Revolvers met opengedraaide en ledige trommel.
Semi- automatische wapens met open slede en lege patroonhouder naast het wapen.
Wapens waarvan de slede niet open blijft staan, moet men openhouden door er een voorwerp tussen te steken.
§9 HET IS VERBODEN TIJDENS HET SCHIETEN EEN GELADEN WAPEN NEER TE LEGGEN OP DE SCHIETTAFEL. Eerst ontladen en dan pas neerleggen.
E. SCHIETINCIDENTEN TIJDENS DE SCHIETSTONDEN:
§1 Kleine haperingen tijdens het schieten worden door de schutter op de schietplaats zelf hersteld, op een veilige manier met de loop richting doel.
§2 Andere haperingen die het schieten verder beletten worden dadelijk gemeld aan de monitor van dienst of een bestuurslid. Onder diens toezicht zal het defect verholpen worden aan de schiettafel of in de jurykamer, of zal het wapen veilig worden ingepakt.
§3 Bij andere incidenten (bv. het onklaar raken van uitrusting, schietstandverlichting, enz. ) moet de monitor van dienst het bevel geven "Schutters, ontladen en wapens neer" en zal het incident verholpen worden.
F. MONITOR TIJDENS DE SCHIETSTONDEN:
§1 Wordt beschouwd als verantwoordelijke baancommandant of monitor tijdens de schietstonden:
Ieder lid dat op dat ogenblik het verwittigingsignaal bedient of het bevel geeft bij defect van dit verwittigingsignaal.
Hij is verantwoordelijk voor het veilig verloop van de schietstonden.
§2 Iedereen moet zijn richtlijnen steeds onmiddellijk en zonder protest opvolgen.
§3 Ieder bestuurslid of actief lid kan het gebruik van een bepaald wapen verbieden, de betrokkene moet zich hier zonder protest aan houden.
G. BEPERKINGEN BIJ WAPENGEBRUIK:
§1 Toegelaten wapens:
Pistolen en revolvers met normale munitie.
Alle geweren en karabijnen, vurend met normale pistoolmunitie of revolvermunitie.
§2 Wapens die technisch niet in orde zijn mogen niet gebruikt worden.
§3 Proefnemingen met wapens en munitie zijn verboden. Volautomatisch vuren is verboden bij wet.
§4 Het is verboden te schieten met zwart kruit.
§5 Het is verboden om munitie met hardstalen kern, opensplijtende kogelkop, lichtkogels, lichtspoormunitie of kwikhoudende munitie te gebruiken.
§6 Schietoefeningen met vuurwapens dienen uiterlijk om 22.00 uur stopgezet te worden.
H. DISCIPLINES en WEDSTRIJDEN:
§1. Luchtstand 10 meter:
a) Luchtpistool of luchtgeweer op schietkaarten, silhouetten of ander vast doel.
b) Zimmergeweer (kamermunitie .22) op schietkaarten, silhouetten of ander vast doel.
c) Kruisboog.
§2. Stand vuurwapens 25 meter:
a) Alle disciplines vermeld onder H, §1.
b) Precisieschieten op stilstaande schietkaarten (alle toegelaten wapens).
Geweer, karabijn, pistool of revolver op schietkaarten of silhouetten of ander vast doel.
c) Duelschieten op tijdsgestuurde wegklappende doelen.
Halfautomatische wapens; halfautomatisch / repeteergeweer of -karabijn, pistool of revolver op tijdgebonden wegklappend doel.
d) Halfautomatisch / repeteergeweer of -karabijn, pistool of revolver op zijdelings bewegende doelen (lopende doelen) en practical shooting.
e) Kegelschieten (Bowlingpinschieten) met vuistvuurwapens (al dan niet met tijdsclassificatie).
f) Kegelschieten (Bowlingpinschieten) met halfautomatische wapens; halfautomatisch / repeteer / enkelschotgeweer of -karabijn (al dan niet met tijdsclassificatie).
g) Snelvuur met handvuurwapen, pistool of revolver.
h) Silhouette-schieten met veranderende afstand (al dan niet met tijdsclassificatie). Halfautomatische wapens; halfautomatisch / repeteergeweer of -karabijn, pistool of revolver.
I. BIJKOMENDE VEILIGHEIDSMAATREGELEN:
§1 De eerste persoon die de schietruimte betreedt moet het rode veiligheidslicht, geplaatst aan de toegangsdeur, inschakelen.
§2 Er moeten zich steeds minimum 2 (twee) personen in de schietruimte bevinden. In de schietruimte mogen zich ten hoogste 4 (vier) personen meer bevinden dan er schietplaatsen voorhanden zijn. In bepaalde gevallen kan het Bestuur anders beslissen. Alvorens de schietoefening kan gestart worden, moet er steeds iemand zijn die de taak van monitor op zich neemt. Dat geldt niet voor orde- of gerechtelijke diensten.
§3 Alvorens de schietoefening te starten moet de monitor van dienst controleren of de schietaccommodatie in orde is en of de nooduitgangen vrij zijn.
§4 De zandkogelopvang moet steeds lichtjes nat gespoten zijn.
§5 Tijdens de schietoefeningen moet de afzuiginstallatie continu in werking zijn.
§6 Indien zich een ongeval voordoet moet men onmiddellijk de dienst 100 of 101 bellen.
§7 De jurykamer mag enkel worden betreden door de bestuursleden, de kaartuitmakers, de baanmeesters en de actieve leden die als monitor optreden.
§8 Tijdens het schieten is het verboden de schutters te hinderen of af te leiden.
§9 Indien een schutter of een andere persoon een gevaarlijke toestand schept en hiervoor klacht wordt neergelegd bij het Bestuur, dan wordt de bedoelde persoon ter verantwoording geroepen.
§10 In de schietruimten geldt een algemeen rookverbod.
§11 Het is verboden dranken mee te nemen naar de schietruimte, uitgezonderd niet-alcoholische dranken voor de baancommandanten en juryleden bij schietoefeningen en wedstrijden.
Alcoholische dranken zijn te allen tijde verboden in de schietruimte en in het jurylokaal.
§12 Bij het verlaten van de lokalen moet de laatste persoon de verwarming en verlichting uitschakelen. Hij moet er zich ook van vergewissen of er geen brandgevaar bestaat en hij sluit de lokalen slotvast af.
§13 Iedereen die op enige wijze vrijwillig schade toebrengt aan toestellen, installaties, de schietruimten of andere lokalen van PSKM vzw is verplicht schadeloosstelling te betalen voor de aangebrachte schade, ongeacht eventuele andere sancties. Dit geldt ook voor het opzettelijk bevuilen van de lokalen.
J. ONDERHOUD EN VEILIGHEID:
§1 Onderrichtingen voor de schutters:
a) Na elke schietoefening moet iedere schutter zijn schiettafel reinigen, zijn plaats aan de vuurlijn opkuisen en het vuil in de metalen vuilnisbak deponeren.
b) De hulzen moeten opgeraapt worden en in de metalen hulzenbak geworpen worden.
c) De deksels moeten steeds op de metalen vuilnis- en hulzenbak worden geplaatst.
d) Papier en karton moeten gescheiden worden gehouden van plastiek en ander al dan niet recycleerbaar materiaal.
e) Indien een schutter gebreken vaststelt aan de schietaccommodatie of aan de veiligheidsvoorzieningen, moet hij de sectievoorzitter of een van zijn eventuele vervangers, of bij gebrek aan voorgaande, een ander bestuurslid daarvan zo snel mogelijk in kennis stellen.
f) Korpsen en andere gebruikers van de schietruimte dan clubgebruikers moeten de stand na het beëindigen van de schietoefeningen in minstens dezelfde toestand van reinheid als bij de aanvang van de oefeningen achterlaten. Alle hulptuigen en speciale doelen dienen terug op de daarvoor bedoelde plaats van bewaring geplaatst te worden.
§2 Preventief onderhoud:
a) De toestand en goede werking van alle technische installaties (verlichting, veiligheidssignalisatie, afzuiging, doelinstallatie, doelframes, bowlingpinsteunen, e.d.) vallen onder de verantwoordelijkheid van de sectievoorzitter en/of diens vervanger(s). Eventueel noodzakelijke kleine herstellingen worden door hem/haar (hen) zo snel mogelijk uitgevoerd. Grotere ingrepen of noodzakelijke herstellingen worden door de sectievoorzitter voor bespreking op de agenda van de eerstvolgende bestuursvergadering geplaatst.
b) Een of meerdere mensen worden door het Bestuur aangeduid voor het schoonmaken van de schietstanden. Hun taak bestaat onder meer in:
het wekelijks leegmaken van de metalen vuilnisbakken en verwijderen van alle gebruikte papieren schietkaarten,
het leegmaken van de hulzenbak telkens wanneer dit nodig is,
het wekelijks opvegen van de volledige vloer (van doelen tot schietplaatsen). Alle opgeveegd stof wordt bevochtigd en reglementair verwijderd,
minstens eenmaal per kwartaal wordt de vloer met water nagereinigd.
c) Telkens wanneer de sectievoorzitter dit nodig acht, doch minstens om de twee jaar, wordt de kogelvang ontdaan van alle achtergebleven lood (kogelkoppen) en andere onzuiverheden. Daarvoor wordt het zand van de kogelvang over de volledige breedte en tot op een diepte van ongeveer 1 meter afgegraven, gezeefd en terug op de kogelvang geplaatst. Zo nodig wordt een gedeelte van het zand vervangen of aangevuld. Deze werkzaamheden worden onder de leiding en coördinatie van de sectievoorzitter op vrijwillige basis door leden van de vereniging uitgevoerd.
d) De filters van de afzuiginstallatie worden minstens om de twee weken nagekeken en gereinigd en eventueel vervangen. Dit wordt uitgevoerd door de sectievoorzitter of een van zijn vervangers.
e) De in het veiligheidsdossier genoemde veiligheidsvoorzieningen worden onder het toezicht van de sectievoorzitter regelmatig getest.
f) Alle schoonmaakbeurten en andere werkzaamheden in de schietstanden worden door de uitvoerders in het register van de schietstand genoteerd.

Artikel 9 BRAND
§1 Alle clubleden worden geacht kennis te nemen van de veiligheidsvoorzieningen (Schietstandreglement, plaats brandblusapparaten, noodverlichting en nooduitgangen).
§2 Een kleine brandhaard moet onverwijld geblust worden met de aanwezige brandblussers.
§3 Bij brandmelding moet men steeds onmiddellijk het nummer 100 of 101 verwittigen.
§4 Bij brandmelding moet iedereen zich onmiddellijk en ordelijk via de dichtstbijzijnde nooduitgang naar buiten begeven.
§5 In de schietstand moet de monitor van dienst het volgende bevel geven: "Ontladen en begeef u via de nooduitgang naar buiten".
§6 Jaarlijks moet één uitgebreide brandoefening worden gehouden.

Artikel 10 ACTIEVE LEDEN
§1 Actieve leden hebben tot taak tijdens de schietoefeningen als monitor op te treden en nieuwe leden uitleg te verschaffen over de veiligheid en de reglementering in de club.
Aan de actieve burgerleden wordt door het Bestuur een vermindering van het lidgeld toegekend. De hoogte van deze vermindering wordt door het Bestuur vastgesteld.
§2 Is een actief lid tweemaal zonder geldige reden afwezig op de jaarlijkse statutaire vergadering van PSKM vzw of niet door middel van een volmacht vertegenwoordigd, dan wordt voor het betreffende lid het statuut “actief burgerlid” ingetrokken. Bovendien zal dan het eerstvolgende jaar de vermindering van het laatste jaar bij het voor het nieuwe jaar te betalen lidgeld gevoegd worden.
Het intrekken van het statuut kan eveneens het gevolg zijn van het oplopen van een sanctie om een andere reden, onafhankelijk van deze sanctie zelf.
§3 Een gerechtelijk lid dat de verplichting betreffende de jaarlijkse statutaire algemene vergadering niet naleeft verliest met onmiddellijke ingang de financiële voordelen van zijn statuut en zijn/haar lidmaatschapsbijdrage wordt gelijkgesteld met deze van een toegetreden burgerlid. Deze sanctie kan achteraf slechts opgeheven worden door een evaluatie en een algemene beslissing van het Bestuur.

Artikel 11 PLICHT
§1 Bij inbreuken op de reglementen HEEFT IEDEREEN DE PLICHT DE OVERTREDERS OP HUN FOUTEN TE WIJZEN. Bij moedwil of ernstige inbreuken moet het Bestuur verwittigd worden. Denk er aan: UW VEILIGHEID EN DIE VAN ANDERE LEDEN PRIMEERT. Het Bestuur rekent op een goede medewerking en zelfdiscipline van ALLE SCHUTTERS.

Artikel 12 SANCTIES
§1 De volgende sancties kunnen worden toegepast:
a) Mondelinge verwittiging,
b) Schriftelijke verwittiging,
c) Geldboete bij overtreding van de Statuten of het huishoudelijk reglement,
d) Voorlopige schorsing,
e) Definitieve uitsluiting.
§2 Het Bestuur onderzoekt ieder feit afzonderlijk alsook de eventuele toepassing van sancties.

Artikel 13 OFFICIELE ATTESTEN
§1 PSKM vzw- attesten en andere briefwisseling kunnen alleen afgeleverd worden door de secretaris of de voorzitter. Indien zij niet beschikbaar zijn dan mag in dringende gevallen een ander bestuurslid die taak overnemen. Voor deze brieven moet steeds het originele PSKM vzw- papier gebruikt worden.

Artikel 14 REGLEMENTEN CLUBWEDSTRIJDEN
§1 De clubwedstrijden beginnen op 1 februari en eindigen op 31 december van hetzelfde jaar, en bestaan uit 10 (tien) maandkaarten waarvan de 8 (acht) beste resultaten tellen voor het klassement.
§2 De schutter die geen 8 (acht) maandkaarten geschoten heeft komt niet in aanmerking voor het klassement en de prijsuitdeling.
§3 De maandkaarten moeten geschoten worden voor de laatste dag van de op de kaart vermelde maand. Zij kunnen enkel na de vermelde maand geschoten worden mits een geldige reden en na overeenkomst met de verantwoordelijke van de clubwedstrijd.
§4 De maandkaarten van de ingeschreven schutters liggen ter beschikking in de schietruimte.
§5 Voor deze wedstrijden kan enkel in de club worden ingeschreven. Op het einde van ieder jaar zal het Bestuur de nieuwe inschrijvingslijst ter beschikking stellen. Deze aankondiging zal dan ook uithangen in de club met de op dat ogenblik geldende inschrijvingsperiode (van/tot afhankelijk en veranderlijk van jaar tot jaar). Na de uiterste datum worden geen inschrijvingen meer aanvaard. Laatkomers en nieuwe leden toegetreden na deze datum dienen tot het volgende jaar te wachten. Het Bestuur brengt de maandkaarten in orde tegen het beging van de wedstrijden.
§6 De maandkaarten moeten duidelijk ondertekend worden (geen paraaf) door 2 (twee) personen. Bij ontbreken van deze handtekeningen worden de kaarten als ongeldig beschouwd.
§7 De kaarten moeten na het ondertekenen door de getuigen onmiddellijk geschoten worden in 1 (één) beurt in een normale tijd.
§8 De reglementen van I.S.S.F. of U.I.T. zijn van toepassing.
§9 Voor inlichtingen of klachten dient men zich tot de verantwoordelijke van de discipline te wenden. Geschillen worden door het Bestuur behandeld.

Artikel 15 ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN
§1 Alle gevallen die niet in onderhavig reglement zijn vervat, kunnen te allen tijde door het Bestuur daarin worden opgenomen. Wijzigingen aan dit huishoudelijk reglement vereisen een eenvoudige meerderheid in het Bestuur en worden met eenvoudige meerderheid aangenomen.
§2 In geval van twijfel over de juiste interpretatie van één of meerdere reglementen moet bijkomende uitleg worden gevraagd aan het Bestuur of een bestuurslid.
§3 De leden van de vereniging en de gebruikers worden geacht kennis te hebben van onderhavig huishoudelijk reglement.
§4 De exploitant of de vertegenwoordiger kunnen aan de schutters munitie overdragen om op dezelfde dag deel te nemen aan de activiteiten in de schietstand, doch enkel de daartoe vereiste hoeveelheid. Elke aan- of verkoop van munitie wordt door de exploitant of de vertegenwoordiger genoteerd in het register model C dat wordt bijgehouden overeenkomstig artikel 23 van het Koninklijk Besluit tot uitvoering van de Wapenwet.
§5 De volgende personen zijn bevoegd om de exploitant, vermeld op de erkenning van de titularis van de erkenning, te vertegenwoordigen: alle leden van het Bestuur van de vereniging en alle actieve leden.

Artikel 16 BESLUIT
Het nieuwe huishoudelijk reglement (16 maart 2009) opgemaakt, goedgekeurd en aangenomen door het Bestuur is aangepast in 2011 en 2013.

 

Login